Er zijn verschillende babykwaaltjes waar je als ouder mee te maken kunt krijgen. Hieronder staat vermeld welke dit zijn en wat je er al dan niet aan kunt doen.

Buikkrampjes
In je baarmoeder zijn de darmen van je baby nog niet echt actief. Na de geboorte moeten de darmen van je baby ineens voeding leren verwerken. Hierdoor kunnen er darmkrampjes ontstaan. Je baby zal ontroostbaar huilen en zijn beentjes optrekken. Je baby zal over het algemeen alleen de eerste 3 maanden last hebben van darmkramphes, aangezien de darmen hierma meer gewend zijn aan het voedsel. Om de buikkrampjes van je baby te verzwachten kun je de de voetjes van je baby tegenhouden, zodat hij zich kan afzetten. Ook helpt het om iets warms op het buikje te leggen of met je hand zacht over het buikje te wrijven. Buikkrampjes kunnen ook ontstaan doordat je baby te gulzig is met drinken waardoor er veel lucht wordt ‘meegehapt” . in dat geval kan het helpen om tijdens het voeden even te pauzeren en je baby te laten boeren.

Bloedverlies uit de vagina van de baby
Voor de geboorte bevinden zich in het bloed van je baby hormonen, waarna dit na de bevalling pltseling stopt. Bij meisjesbaby’s kan dit tot gevolg hebben day er tijdelijk bloedverlies uit de vagina. Het bloedverlies is beperkt en gaat vanzelf over.

Ooievaarsbeet
Een ooievaarsbeet is een roze, roodgekleurde vlek op de huid van de nek, het voorhoofd of de oogleden. Bijna de helft van de baby’s heeft een ooievaarsvlek bij de geboorte. Feitelijk zijn hetuitgezette bloedvaatjes. De vlekken wordt duidelijker zichtbaar wanneer je baby huilt. Een ooievaarsbeet is verder onschuldig. In sommige gevallen verdwijnt de ooievaarsbeet na enkele jaren, in sommige gevallen blijft het bestaan.

Spruw of candida
Spruw of candida is een schimmelinfectie die veroorzaakt wordt door de Candida-schimmel. Je herkent het aan de witte aanslag in de mondholte van je baby. De aanslag zit meestal op de tong, het gehemelte en de binnenkant van de wangen en kan niet weggeveegd worden. Vooral baby’s van zes weken en jonger kunnen hier last van hebben. Het is een onschuldige aandoening, maar je baby kan er wel last van hebben tijdens het drinken en daardoor slecht of onrustig drinken. Spruw komt vaker voor bij baby’s die borstvoeding krijgen, maar het kan ook voorkomen bij baby’s die met de fles gevoed worden. Je kunt zelf ook spruw hebben. Je hebt dan last van branderige of jeukerige tepels, of witte puntjes op je tepels. Het is belangrijk dat jij dan ook wordt behandeld. Anders blijf je je baby telkens opnieuw besmetten. Ga naar de huisarts als je spruw hebt. Je zal een antischimmelmiddel waarmee je je kind en jezelf kunt behandelen. Meestal krijg je een nystatinesuspensie, die je een paar keer per dag in de mond van je baby moet doen. Met deze suspensie kun je ook je eigen tepels behandelen.

Tandjes krijgen

Vanaf de leeftijd van circa 6 maanden, maar soms ook eerder, kan je baby zijn eerste tandje krijgen. Hierna komt er ongeveer 1 tand of kies per maand bij. Bij het doorbreken van de tandjes is het tandvlees van je baby nogal gevoelig en opgezwollen. Dit kan pijnlijk zijn en gepaard gaan met huilen en verhoging. Er zijn middelen die je op het tandvlees kunt smeren ter verzachting van de pijn. Ook werkt een bijtring verlichtend tegen de pijn.

Vieze oogjes

Doordat de traanbuis van je baby de eerste weken nog niet goed geopend is, kan hij last krijgen van vieze oogjes. Om deze klachten te verminderen kun je de oogjes schoonmaken met een watje gedrenkt in afgekoeld gekookt water door vanuit de binnenhoek langs het neusje naar boven te wrijven.

Leuk of Interessant? Deel het!Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Pin on PinterestEmail this to someone