mgDxuF0

De groei van baby’s die borstvoeding of kunstvoeding krijgen verschilt

Vrouwen die besluiten op te houden met het geven van borstvoeding, geven daarvoor het vaakst als reden op dat ze denken dat ze onvoldoende melk hebben voor hun baby. Wat feitelijk niet mogelijk is, omdat in 99% een moeder fysiologisch genoeg melk produceert.

TNO deed hier jaren geleden onderzoek naar en verklaarde dat het stoppen met borstvoeding vooral te maken heeft met onwetendheid van ouders, medici en zorgverleners over het specifieke groeipatroon van borstgevoede kinderen, wat afwijkend is van het groeipatroon van een kind dat kunstvoeding krijgt. Baby’s die kunstvoeding krijgen groeien namelijk vanaf een maand of drie, vier sneller dan borstgevoede baby’s. Veel ouders van borstgevoede baby’s krijgen rond deze periode te horen dat hun kindje niet goed zou groeien. De standaard groeiboek-groeicurves zijn echter gebaseerd op de groeigegevens van voornamelijk met kunstvoeding gevoede kinderen. Regelmatig wordt dan door onwetende zorgverleners ten onrechte het advies gegeven om te gaan bijvoeden met kunstvoeding of vaste voeding of wordt het advies gegeven om te stoppen met het geven van borstvoeding, omdat de moeder ‘te weinig melk’ zou hebben.

De World Health Organisation (WHO) heeft daarom in 2006 een veertien jaar lopend onderzoek uitgevoerd naar de groei van borstgevoede kinderen. In het werden in deze periode 8440 kinderen gevolgd in Brazilië, Ghana, India, Noorwegen, Oman en de VS. Een belangrijk uitgangspunt in het onderzoek was dat alle kinderen die meededen, opgevoed werden in een omgeving waar borstvoeding en gezonde voeding gepromoot werd en waar maatregelen waren genomen ter voorkoming en controle van infecties. Daarnaast volgden hun moeders gezondheidadviezen op zoals het niet-roken tijdens en na de zwangerschap. Ook zorgden de moeders ervoor dat hun kinderen adequate gezondheidszorg kregen.

De conclusie van het WHO: kinderen die borstvoeding krijgen kunnen niet beoordeeld worden aan de hand van gegevens van kinderen die overwegend kunstvoeding kregen. Kunstvoedingscurves zouden niet de norm mogen zijn, maar de borstvoedingscurves. Dat kunstvoedingscurves nu het uitgangspunt zijn heeft volgens de WHO consequenties voor de beoordeling van de groei en gewichtstoename van álle baby’s. Zij geeft aan dat borstgevoede baby’s niet te langzaam groeien, maar kunstvoeding gevoede baby’s juist te snel groeien. Ouders zouden circa 7% minder in hun flessen moeten stoppen om de energieopname in evenwicht te brengen met hun activiteit en groeibehoefte. Overgewicht op jonge leeftijd is een extra risico voor overwicht op latere leeftijd.

Leuk of Interessant? Deel het!Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Pin on PinterestEmail this to someone