eten

Welke opvoedstijl heeft het beste effect op het eetgedrag van je kind?

Al van jongs af aan wordt het eetgedrag van kinderen beinvloedt door hun omgeving. Denk aan een toetje na het avondeten, fruit tussendoor, op zaterdagavond wat te snoepen. Ouders en opvoeders
hebben hierbij een belangrijke rol. Als ouder bepaal je wat je kind eet, wanneer dat is en hanteer je richting je kind ook een persoonlijke opvoedstijl.

Het voedingscentrum heeft de verschillende opvoedstijlen van ouders onderzocht en de effecten hiervan op de eetgewoonten en het gewicht van je kind. Met opvoedstijl wordt bedoeld de interacties tussen ouder en kind in algemene zin en die toegepast worden om het gedrag van het kind te behouden, te veranderen of om er controle over te hebben.

Er blijken vier opvoedstijlen te onderscheiden.

Autoritaire ouders
Een autoritaire ouder vindt het belangrijk dat een kind gehoorzaam is. Gebeurt dit niet, dan zal een straf volgen zodat de wil van het kind wordt bedwongen. Autoritaire ouders scoren laag
op responsiviteit (ofwel adequaat reageren op het kind) en scoren hoog op veeleisendheid (het uitoefenen van controle en supervisie). Als het gaat om eetgewoonten, zullen autoritaire ouders hun kind op een directieve manier aanmoedigen  om eten op te eten. Dit kan bijvoorbeeld inhouden dat er fysiek geworsteld wordt met het kind of een kind te straffen en te belonen. Ook is het gewoonlijk voor deze ouders restricties aan een kind op te leggen zoals het kind verplichten het bord leeg te eten of het kind te straffen wanneer het geen groente of fruit wil eten. Een autoritaire opvoedstijl
resulteert vaak in minder goed eetgedrag van een kind en wordt ook in relatie gebracht met het eten van minder groenten en fruit.

Toegevende ouders
Toegevende ouders zullen hun kind oniet straffen en gedragen zich bevestigend richting hun kind. De ouder stelt zich niet op als een voorbeeld of een actieve autoriteit die verantwoordelijk is voor het vormen of veranderen van (toekomstig) gedrag. Een kind mag zelf weten wat hij eet. Een toegevende ouder zal bijvoorbeeld het eigen kind altijd koekjes en snoep geven als het er om
vraagt, wanneer hij het wil. Toegevendheid leidt tot een hogere frisdrankconsumptie, meer snoepen en het eten van minder groenten.

Verwaarlozende ouders
Verwaarlozende ouders hebben lage verwachtingen van zelfcontrole en weinig gevoeligheid. Deze ouders zijn niet strikt, tegelijkertijd echter ook niet betrokken. Uit onderzoek blijkt dat kinderen die hun ouders als verwaarlozend beschreven minder fruit aten en meer ongezonde snacks, en dat zij op minder dagen per week ontbijt aten dan kinderen die hun ouders als gezaghebbend beschreven.

Gezaghebbende ouders
Ouders die een gezaghebbende opvoedstijl hebben verwachten zelfcontrole van hun kind maar zijn ook gevoelig, betrokken en warm in het contact met hun kinderen. Deze ouders oefenen controle uit, maar leggen het kind ook niet enorme beperkingen op. De mening van het kind wordt erkend maar er worden bepaalde grenzen gehanteerd. Gezaghebbende ouders hanteren bijvoorbeeld regels
over gezonde voedselinname, denk aan het altijd proeven van eten, gecombineerd met warmte en
betrokkenheid. Grenzen van het kind worden gerespecteerd en het kind wordt geprezen als het
probeert om iets te proeven. Een gezaghebbende opvoedstijl draagt bij aan de ontwikkeling van
gezonde eetgewoonten. Kinderen die op deze manier opgevoed worden eten gezonder, bewegen meer en hebben lagere BMI’s dan kinderen die opgevoed worden volgens de andere opvoedstijlen.

Leuk of Interessant? Deel het!Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Pin on PinterestEmail this to someone